Het opgroeien samen met een oudere broer is kan behoorlijk pijnlijk, maar ook erg leuk tegelijkertijd zijn. Er zijn een paar fasen die de meeste mensen door zullen maken voordat ze dat punt ene punt in hun relatie hebben bereikt waarin ze hun jeugd werkelijk gaan begrijpen, maar ze eveneens na gaan denken over het verleden en hoe ze uiteindelijk dichter naar elkaar toe hebben kunnen groeien. Broers houden er bijvoorbeeld van hun kleine zusjes te plagen, hen lekkers voor hen te laten kopen, te laten zien waar zij naar willen zien en ze soms zelfs pesten. Ook brengen oudere broers hen maar al te graag in verlegenheid als ze een vriendje mee naar huis hebben gebracht en houden hen voor de gek, gewoon omdat ze weten hoe goedgelovig ze dan nog zijn. Een broer-zusrelatie is dan ook iets heel bijzonders en bovendien is dit een relatie die volkomen anders is dan relaties met andere gezinsleden.

Fases:

1. “Ik ben een oudere broer!” (leeftijd van 1 tot 5 jaar)

Wanneer een jongen tussen de 1 en de 5 jaar oud is, is het echt spannend om een oudere broer te zijn wanneer er een ​​nieuw broertje of zusje in het gezin komt. Er is dan bovendien eindelijk iemand om mee te spelen, en deze jongens zal worden geleerd om zich beschermend op te stellen ten aanzien van hun jongere broertje of zusje. Een jongen in deze leeftijdsgroep zal dan ook proberen om een kleintje op te tillen, op zijn schoot te leggen en te vertellen wat hij of zij moet doen. Uiteindelijk wordt echter dit kleine broertje of zusje ook groter en zal het de grote broer gaan imiteren, bijvoorbeeld door dezelfde rare gezichten te trekken op foto’s en hem zelfs te gaan zien als een heus rolmodel.

2. “Ik wou dat je een jongen” (leeftijd van 5 tot 8 jaar)

In deze fase van het leven, zou je kunnen zeggen dat het spannende en meest bijzondere aan de onderlinge band is wegebt. De oudere broer denkt niet meer dat het kleine broertje of zusje schattig is, zijn of haar wangetjes zijn dan ook niet langer leuk om in te knijpen en hij begint zelfs te wensen dat hij een jonger broertje had om mee te kunnen spelen als hij op is gezadeld met een kleine zus. In mijn persoonlijke situatie ging mijn broer ook door deze fase heen en wilde hij niets liever dan dat ik een jongen werd zodat ik met hem zou kunnen stoeien en voetballen in de achtertuin. Dit heeft er absoluut toe geleid dat ik mijn haren onder een petje ben gaan stoppen en me meer en meer als een jongetje ging gedragen.

3. “Ok, je bent dan wellicht geen jongentje, maar je wordt wel als een jongen behandeld” (leeftijd van 9 tot 12 jaar)

Na verloop van tijd zal er een acceptatiefase volgen in de relatie met een oudere broer. Hij zal eindelijk gaan aanvaarden dat je geen klein broertje bent, maar hij zal je desalniettemin nog altijd als zodanig blijven behandelen. Dit omvat het samen spelen van videogames en het verzinnen van ruwe spelletjes waarbij een bal naar toe moet worden gegooid nu eenmaal leuker is dan het spelen met poppen. (Zelf heb ik mijn oudere broer nooit in dat soort spellen kunnen verslaan). Dit is overigens ook de leeftijd waarop de oudere broer het enorm leuk gaat vinden om een jongere zus te gaan plagen. Er wordt dan ook wel gezegd dat het oudere kind altijd in de problemen komt, maar ik kan uit eigen ervaring bevestigen dat ik juist altijd degene was die alle ellende over zich heen kreeg vanwege de constante plagerijen van mijn oudere broer en mijn haast aanhoudende huilbuien.

4. “Ik wil niet meer met je spelen of met je optrekken” (leeftijd van 13 tot 16 jaar)

Op het ogenblik dat een jongere boer of zus hun tienerjaren op ongeveer hetzelfde moment met hun oudere broer ingaan, dan blijft er niet veel van de opgebouwde een relatie meer over. De oudste is immers te oud geworden om spelletjes te spelen en beide tieners beginnen uiteenlopende zaken leuk te vinden. Bovendien zal ieder zijn, of haar, eigen weg gaan als het gaat om het sluiten van vriendschappen, het uitoefenen van een sport en het ontdekken van verschillende interesses. Daarnaast heeft waarschijnlijk elk van hen een ander niveau als het gaat om het volwassen worden zodat het vormen van een band erg lastig wordt. Toen ik dertien jaar oud was, was ik een tienermeisje dat mijn broer behoorlijk kon irriteren en toen mijn broer zestien was, dacht ik dat hij een slimme gast was die het helemaal had gemaakt. Op deze leeftijd zou ik echter het liefst nog naar Disney Channel willen kijken, terwijl hij al veelmeer interesse had in meer volwassen programma’s. Kortom: deze fase in het leven van een broer en zus kan behoorlijk lastig zijn.

5. “Ik heb je advies nodig over iets” (leeftijd van 16 tot 19 jaar)

Op het ogenblik dat een oudere broer en jongere zus toch een aantal jaren langer met elkaar opgroeien, zal alles anders worden. En dat is dan ook de beste fase. Er wordt zelfs een stap gemaakt weg van die ongemakkelijke kloof in de richting van een fase waarin ze zich weer meer met elkaar in balans gaan voelen, samen grappen kunnen maken en advies aan elkaar kunnen vragen. Tegen de tijd dat ik 16 of 17 jaar oud was, konden mijn broer en ik al echt volwassen gesprekken voeren samen. Hij begon me zelfs zo nu en dan om advies te vragen over dingen die betrekking hadden op meisjes en ik keek naar hem op en vroeg hem eveneens geregeld om raad. Dit is tevens de fase waarin de beschermende instincten van je broer weer helemaal op zullen gaan leven. Hij begint immers maar al te goed te beseffen dat je zijn kleine zusje bent en dat het zijn taak is om op je te passen, je te helpen en ervoor te zorgen dat niemand maar wat met je aan kan gaan rommelen.

6. “Kunnen we samen wat gaan ondernemen” (leeftijd 19 tot 21 jaar)

Een oudere broer en jongere zus kunnen wellicht niet samen een fietstochtje gaan maken, een potje gaan basketballen of met make-up aan de slag gaan op deze leeftijd, maar ze zijn eindelijk wel op een leeftijd gekomen waar ze samen naar de film kunnen gaan, samen kunnen gaan lunchen en weer veel met elkaar op gaan trekken. Op dit ogenblik, als ze allebei studeren, of wanneer de oudere broer studeert en het jongere zusje nog thuis woont, dan is het altijd weer erg leuk om elkaar te zien. Broer-zusrelaties zijn anders dan andere relaties omdat ze geen kleren van elkaar zullen lenen, ze elkaar niet hoeven te helpen bij het opmaken, ze elkaars haren niet hoeven te doen en ze elkaar geen geheimen toevertrouwen. Een broer-zusrelatie omhelst in een bepaalde fase weliswaar ruzie maken, kibbelen, gedwongen worden om naar een bepaalde sport te kijken en ruwe spelletjes te spelen, maar uiteindelijk zal er een relatie ontstaan waarin ze weten dat ze elkaar volledig kunnen vertrouwen.

Ieder mens heeft echter een unieke relatie met zijn, of haar, broer of zus, maar voor degenen die met oudere broers op zijn gegroeid, is vrijwel zeker dat ze uiteindelijk een goede band met elkaar krijgen.  Mijn broer en ik zijn opgegroeid door al deze fases samen te doorlopen, en ik ben er absoluut zeker van dat we nog een heleboel samen mee gaan maken, maar nadenken over ons verleden en zien hoe we allebei groot zijn geworden en een enorm goede relatie op hebben weten te bouwen, heeft ervoor gezorgd dat ik hem alleen nog maar meer ben gaan waarderen.

9 REACTIES

Comments are closed.